Kennispagina intellectueel eigendom

Auteursrechtelijk beschermd werk


Werk

Een werk is een tastbare uiting van creatieve gedachte van de makers. De gedachte zelf is dus niet beschermd maar op het moment dat deze gedachte wordt uitgewerkt in een boek, film, gebouw, computerprogramma, stoel etc. is er sprake van een werk in de zin van de auteurswet.

Niet ieder werk is ook beschermd onder de Auteurswet. In de rechtspraak is bepaald dat het werk origineel moet zijn en het persoonlijk stempel van de maker moet dragen.

Ontlening

Dit hangt samen met het begrip origineel. Het is mogelijk dat een werk erg veel lijkt op een ander werk. Dat kan toeval zijn omdat twee personen  op hetzelfde moment op hetzelfde idee komen, maar het kan ook zijn dat een van de twee makers zijn idee heeft afgekeken van een ander. Dat speelt met name bewijstechnisch een rol: als op overeenstemmende kenmerken sprake is van ontlening dan mag de rechter daar vanuit gaan. De andere partij krijgt dan wel de mogelijkheid om te bewijzen dat dat toeval is.

Persoonlijk stempel

Vaak genoemd in combinatie met het begrip werktoets: is het werk origineel en is er sprake van een minimum aan creativiteit. Dat wil zeggen: is de hand van de maker in het werk te herkennen. Zie daarvoor de zaak van de Erven Endstra waarin de rechter besliste dat het gaat om het werk zelf, en niet of de maker bewust een originele en persoonlijke creatie wilde maken. 

Maker

Degene die het werk maakt is ook maker in de zin van de auteurswet.  Wel kent de wet uitzonderingen hierop. De werkgever wordt als maker aangemerkt als de werknemer in zijn dienst binnen zijn taakuitoefening een werk maakt of de werkgever daar een opdracht voor heeft gegeven.
Ook een rechtspersoon (een bedrijf of organisatie bijvoorbeeld) kan als maker worden aangemerkt. Vind publicatie of openbaarmaking van een werk plaats zonder vermelding van de naam van de maker maar wel uit naam van een rechtspersoon dan is deze rechtspersoon automatisch de maker.

Je kunt ook gezamenlijk maker zijn: beslissend voor een gemeenschappelijk auteursrecht van de makers tezamen is, of het werk is ontstaan door een zodanige samenwerking van de auteurs, dat ieders afzonderlijke bijdrage daarvan niet meer te scheiden is.  

Rechten van de auteursrechthebber 


Licentie

De maker blijft het auteursrecht op het werk hebben. Met een licentie geeft de maker toestemming aan de licentienemer omdat werk te exploiteren door het te verveelvoudigen en/of openbaar te maken

Exploitatierechten

Dit zijn de commerciële rechten die de maker kan uitoefenen. Dit zijn onder andere het recht tot verveelvoudiging en openbaarmaking

Openbaarmaking

Met openbaarmaking wordt bedoeld dat het werk op de een of andere manier bekend wordt gemaakt aan het publiek. Dit wordt ook wel aan het publiek ter beschikking stellen genoemd.

Een illustratie hiervan is het via een hyperlink beschikbaar stellen van andermans werk. Dat is niet toegestaan als degene die de hyperlink op de website plaatst weet dat dat werk beschermd is, en met de toegang geven tot het werk een heel nieuw publiek dat kennis neemt van dat werk bereikt (Arrest Sanoma/GeenStijl).

Verveelvoudiging

Onder verveelvoudigen wordt verstaan het bewerken van het oorspronkelijk werk, zoals een vertaling, verfilming of een toneelbewerking. Dit houdt iedere hele of gedeeltelijke bewerking of nabootsing van een werk in dat als nieuw of oorspronkelijk kan worden gezien, in.

Persoonlijkheidsrechten

De maker kan verbieden dat een ander zijn werk wijzigt of verandert (‘verminkt'). Vernietiging van een werk is  weer een ander verhaal. Als een gebouw wordt gesloopt valt dat niet onder de persoonlijkheidsrechten.

Daarnaast heeft de maker het recht om te eisen dat zijn naam als maker op het werk wordt vermeld.

Portretrecht


We onderscheiden twee soorten portretrecht: het portret gemaakt in opdracht en het portret dat niet in opdracht is gemaakt.

Portret in opdracht

Bij het portret dat gemaakt is in opdracht, mag diegene die het auteursrecht op een portret heeft, dit niet openbaar maken zonder de toestemming van degene die op het portret staat. Na zijn overlijden moet hij die tien jaar erna nog toestemming vragen van zijn nabestaanden. Een bekend voorbeeld is het in de visie van de burgemeester van Leeuwarden minder geslaagde portret door kunstenaar de Vries. De burgermeester vond dat zijn oren te groot waren afgebeeld en zijn haarkleur niet klopte. Hij noemde de schilder ‘een kladschilder'. Om die reden heeft de burgemeester openbaarmaking van dit portret gedurende lange tijd tegengehouden.

Portret niet in opdracht

Het tweede recht is het portret dat niet in opdracht is gemaakt. Dan kan de geportretteerde de openbaarmaking verbieden als hij daar een redelijk belang bij heeft. Gewone burgers kunnen zich beroepen op privacybescherming. Bekende Nederlanders kunnen aanvoeren dat zij een commercieel belang hebben: door publicatie missen zij inkomsten.

Advocaten