De onderhoudsplicht van de stiefouder.

Door: Lilian Scheepens - 29 oktober 2009

Wanneer een (gescheiden) ouder opnieuw trouwt of een geregistreerd partnerschap aangaat, wordt de nieuwe echtgenoot of partner stiefouder en onderhoudsplichtig voor de minderjarige kinderen die tot het gezin behoren, voor zolang het huwelijk of geregistreerd partnerschap duurt.

Samenwonen leidt dus niet tot een onderhoudsverplichting. Samenwonen kan wél van invloed zijn op de draagkracht van de onderhoudsplichtige ouder en indirect dus een rol spelen bij de vaststelling van de hoogte van de onderhoudsverplichtingen.

Als er twee onderhoudsplichtige ouders zijn én een onderhoudsplichtige stiefouder dan zal de rechter op verzoek bepalen in welke verhouding de onderhoudsplichtigen dienen bij te dragen in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen. Daarbij kan de rechter rekening houden met de bijzondere verhouding waarin de onderhoudsplichtigen staan ten opzichte van elkaar en de minderjarige en deze bijzondere verhouding kan ertoe leiden dat de bijdrage van één van hen op nihil wordt gesteld. De rechter heeft een grote vrijheid bij de afweging van bijzondere verhoudingen tussen de onderhoudsplichtigen en de minderjarigen. Zo kan de omstandigheid dat een ouder al jaren geen contact meer heeft met zijn kind en de stiefouder de rol van de ouder als het ware heeft overgenomen, ertoe leiden dat de onderhoudsverplichting van de ene ouder op nihil wordt gesteld. Omgekeerd zou de onderhoudsverplichting van de stiefouder op nihil kunnen worden gesteld, indien er feitelijk nauwelijks kan worden gesproken over een leven in gezinsverband met de minderjarige kinderen. Het is dus van groot belang dat de feitelijke situatie voor de rechter goed uiteen wordt gezet, zodat de rechter rekening kan houden met alle bijzondere omstandigheden van het geval.

Lilian Scheepens