Lening terugbetalen vanwege overspel

12 november 2015

De Hoge Raad heeft in het verleden bepaald dat partners in beginsel vrij zijn om zelf te bepalen in hoeverre hoogstpersoonlijke informatie, zoals die over het gevoels- en liefdesleven, wordt gedeeld met de ander. In een recente uitspraak oordeelde het Hof te Amsterdam dat bepaalde informatie onder omstandigheden wel gedeeld moet worden met elkaar. Waar ging het dan in casu om? De betreffende partner had moeten melden dat zij vreemdging. De situatie was hierbij als volgt.

Een Pools huis
Meneer X had ontmoette tijdens een vakantie in Spanje de Poolse Y. Zij werden verliefd en dit was het begin van een affectieve relatie. In het begin van de relatie spendeerden zij veel tijd met elkaar in Nederland, Polen en in het vakantiehuis van X in Marbella. X bleef echter in Nederland wonen en Y woonde in Polen met haar zoontje bij haar moeder in huis. Om een eigen plek te hebben wanneer X op bezoek kwam in Polen, bedachten X en Y het plan om samen in Polen een huis te kopen. X had hiervoor voldoende geld, maar indien een buitenlander in Polen een huis wil kopen, moet een flinke administratieve procedure doorlopen worden. Dit zou veel tijd en rompslomp met zich mee brengen, dus was het veel handiger als het huis gewoon door de Poolse Y gekocht zou worden. Om de woning te financieren verstrekte X een rentevrije lening van €100.000,- aan Y. De woning zou dan van Y zijn, maar de helft daarvan zou dan aan X overgedragen worden. Y zou de lening dan terugbetalen, maar hoefde dit pas binnen vijf jaar na het overlijden van haar moeder.

Einde aan de relatie
Wellicht klinkt dit sprookje al niet al te geloofwaardig. Het was dan ook niet geheel onverwacht dat eind 2011 aan de relatie tussen X en Y een einde kwam. Na het zien van foto’s bleek dat Y een affectieve relatie had met A. X was uiteraard furieus en beëindigde de relatie. Het geld was echter nog in bezit van Y en dat wilde X terug. X stelde dat hij de leningsovereenkomst onder dwaling gesloten had. Als hij had geweten hoe de feiten echt lagen, namelijk dat Y er nog een andere relatie op na hield, had hij de overeenkomst niet gesloten. Hij meende dat Y had moeten begrijpen dat deze informatie essentieel was en dat Y dit dus ook had moeten delen met haar partner. De lening was immers onder bijzonder gunstige voorwaarden aangegaan.

Oordeel Hof Amsterdam
Zoals reeds aangestipt heeft de Hoge Raad in een eerdere uitspraak gesteld dat partners in een affectieve relatie in beginsel vrij zijn te bepalen welke informatie zij met elkaar delen. Onder bijzondere omstandigheden kan het delen van informatie met de partner echter vereist zijn. Het hof diende te bekijken of van een bijzondere omstandigheid in deze situatie sprake was. Of er sprake was van een bijzondere omstandigheid hing af van het antwoord op de vraag of Y tijdens het sluiten van de overeenkomst reeds een intieme relatie had met A en of dit meebracht dat Y had moeten begrijpen dat zij deze relatie had moeten melden aan X nu dit voor hem essentiële informatie was.

X stelde dat deze relatie al speelde op het moment dat de leningsovereenkomst gesloten werd. X trof namelijk foto’s aan van een halfnaakte A die gedateerd waren op 9 januari 2011. De overeenkomst werd pas in juni 2011 gesloten. Y probeerde het nog te ontkennen door te stellen dat zij op dat moment nou juist met X op vakantie was in Spanje. Die vlieger ging echter niet op, X kon bewijzen dat Y reeds op 8 januari was vertrokken naar Polen. Ook probeerde ze zich nog te redden door te stellen dat zij de fotocamera had uitgeleend aan de zus van A en dat met de datum op de fotocamera eenvoudig gesjoemeld kon zijn. De rechter ging in geen enkel verweer mee en achtte het geloofwaardig dat Y reeds voor de leningsovereenkomst een intieme relatie had met A. Mevrouw Y had volgens het hof dus een mededelingsplicht en had deze geschonden door X onwetend te laten.

De rechter achtte het daarom logisch dat X de lening niet was overeengekomen als hij reeds geweten had van het overspel. Dit was voor hem essentiële informatie. Nu deze informatie niet aan X was medegedeeld, was de overeenkomst inderdaad onder dwaling tot stand gekomen. Het hof oordeelde daarom dat Y wel degelijk de geleende €100.000,- aan X terug moest betalen.

Conclusie
Partners hoeven niet alle informatie met elkaar te delen, zij mogen hierin zelf beslissen. Desondanks kan onder bepaalde omstandigheden gevergd worden dat partners bepaalde informatie wel degelijk delen. Het overspel in deze situatie was zulke essentiële informatie dat dit gedeeld had moeten worden. De partners hebben dus soms een mededelingsplicht.

 

Meer weten over de rechten en plichten van partners? Neem contact op met een van onze advocaten gespecialiseerd in het familierecht.  

Bron: Gerechtshof Amsterdam 3 november 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:4507.

Neem voor meer informatie contact op met: