Duurzame ontwrichting noodzakelijk voor echtscheiding

12 mei 2014

De rechtbank spreekt de echtscheiding tussen partijen uit, maar de man gaat in hoger beroep. De man voert hiertoe aan dat het huwelijk niet duurzaam ontwricht is, wat noodzakelijk is voor het uitspreken van een echtscheiding. Uit de wet blijkt dat hiervan sprake is als voortzetting van de samenleving ondraaglijk is geworden en er geen uitzicht bestaat op herstel. Het hof gaat mee in het standpunt van de man en draait de echtscheiding terug, iets wat zeldzaam is.

 

De vrouw heeft betoogd dat er sprake is van duurzame ontwrichting. Bij de vrouw heeft, door het huwelijk van haar ouders, zich een schrikbeeld ontwikkelt. Ze beseft zich dat ze geen 40 jaar getrouwd wil zijn. Bovendien geeft de vrouw aan dat het huwelijk zich kenmerkt door pieken en dalen, ze kunnen niet met en niet zonder elkaar. Ze spreken eigenlijk niet met elkaar, de man woont immers op de bovenverdieping, zij op de benedenverdieping. Wel geeft de vrouw aan dat ze na gescheiden te zijn, wil blijven samenwonen en bovendien wenst dat haar (ex-)man haar blijft verzorgen.

 

De man onderbouwt zijn standpunt door te stellen dat de man en de vrouw nog steeds samenwonen, niet zoals de vrouw zegt de een op de bovenverdieping en de ander op de benedenverdieping. De vrouw lijdt aan MS en de man verzorgt haar 24 uur per dag. Door de ziekte kan de vrouw de trap niet op en ze kunnen niet beiden beneden slapen, vandaar dat de man op de bovenverdieping slaapt. De man en vrouw eten nog wel gewoon samen. De man denkt dat de vrouw niet beseft dat de zorgconstructie komt te vervallen bij een echtscheiding.

 

Het Hof meent dat de vrouw de duurzame ontwrichting niet voldoende heeft aangevoerd. Het feit dat ze na de eventuele echtscheiding de situatie wil laten voortduren toont dit eveneens aan. Het Hof vernietigt daarom de echtscheiding van partijen.

 

Voor het uitspreken van een echtscheiding is dus vereist dat het huwelijk duurzaam ontwricht is en dat dit ook aangetoond kan worden.

 

Meer weten hierover van een advocaat familierecht?

Bron: Hof ís-Hertogenbosch 1 mei 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:1239

Neem voor meer informatie contact op met: