Ontslag op staande voet na de WWZ

19 november 2015

Ook ten aanzien van het ontslag op staande voet is het een en ander veranderd met de invoering van de WWZ. Het wettelijk systeem en de vereisten waaraan voldaan moet worden zijn hetzelfde gebleven. Derhalve wordt een ontslag op staande voet rechtsgeldig gegeven als de werkgever aan de hieronder te bespreken vereisten wordt voldaan.  

Vereisten

1.    Dringende reden: het ontslag op staande voet wordt ook wel ontslag wegens een dringende reden genoemd. Deze dringende reden is dus ook vereist. Denk hierbij bijvoorbeeld aan diefstal of misbruik. Wat voor de werkgever een dringende reden is, is dit niet altijd voor de rechter. Daarom moet sprake zijn van zowel een objectief als subjectief dringende reden.

2.    Onverwijld gegeven: het moet een ontslag op staande voet zijn. Het ontslag moet dus direct na het voordoen of openbaren van de dringende reden gegeven worden. Wel bestaat er voor de werkgever enige tijd om zorgvuldig onderzoek te doen. Zorgvuldigheid gaat boven snelheid in dit geval. 

3.   Onder onverwijlde mededeling: bij het mededelen van het ontslag, moet ook de reden tot ontslag gegeven worden. De werknemer moet immers bekend zijn met de reden om zich te beraden over eventuele vervolgstappen. De reden moet onverwijld medegedeeld worden. Dit betekent dat de werkgever de reden vrijwel tegelijk met het ontslag moet mededelen. Onder omstandigheden kan de reden even op zich laten wachten, maar deze mag niet veel langer dan één tot twee dagen na het ontslag volgen. Deze reden moet goed gemotiveerd en duidelijk zijn.
Om fouten omtrent de formulering te voorkomen, kan het verstandig zijn eerst een advocaat te raadplegen. U bent in het latere proces namelijk aan de formulering van de reden gebonden. Wij helpen u hier graag bij.  

Veranderingen na de WWZ  
Onder het oude recht kon de werknemer in een brief aan de werkgever simpelweg de vernietiging van het ontslag inroepen, als hij het oneens was met het gegeven ontslag. Deze vernietiging moest door de werknemer binnen zes maanden na het gegeven ontslag op staande voet ingeroepen worden. Dit systeem is per 1 juli 2015 veranderd.

Waar het ontslag eerst zogenaamd ‘buitengerechtelijk’ vernietigd kon worden, zonder tussenkomst van de rechter dus, is dit nu niet meer mogelijk. Als de werknemer het oneens met het ontslag op staande voet, zal hij zich nu tot de rechter moeten wenden voor vernietiging. Dit moet de werknemer binnen twee maanden na het ontslag doen. Dit is een korte en strikte termijn. De werknemer zal binnen twee maanden met een ingevuld verzoekschrift bij de rechter moeten komen, anders houdt het op. Indien de werknemer dit niet doet, komt het ontslag vast te staan en kan de werknemer daar niets meer tegen ondernemen. Het feit dat het ontslag onterecht gegeven is, maakt dan niet meer uit.

Wat ook nieuw is na de invoering van de WWZ, is de mogelijkheid tot hoger beroep en cassatie. Voorheen was het na de uitspraak van de kantonrechter afgelopen. Sinds de invoering van de WWZ kan zowel de werknemer als de werkgever zich nog wenden tot het hof en de Hoge Raad.

Op staande voet ontslagen? Handel op tijd!
Heeft uw werkgever u op staande voet ontslagen? Wacht niet met het inwinnen van juridisch advies. Laat de twee maanden termijn niet verlopen om te voorkomen dat het ontslag vast komt te staan. Een gevolg van het ontslag op staande voet is namelijk veelal het mislopen van de transitievergoeding én verval van het recht op een WW-uitkering.

Neem contact op met één van onze advocaten arbeidsrecht en laat u adviseren.  

Neem voor meer informatie contact op met: