Ontzegging rijbevoegdheid grond voor ontslag?

14 juli 2015

De werknemer trad op 1 september 2011 in dienst bij de werkgever als elektricien. Voor zijn functie was een bedrijfsauto noodzakelijk, dus deze kreeg hij van zijn werkgever. In zijn arbeidsovereenkomst was een en ander bepaald omtrent zijn bedrijfsauto. Zo werd vastgelegd dat het gebruik van te veel alcohol niet was toegestaan als hij de bedrijfsauto gebruikte. Ook stond in de arbeidsovereenkomst dat de werkgever bevoegd was de arbeidsovereenkomst per direct te beëindigen als de rijbevoegdheid van de werknemer ontzegd zou worden door de rechter.

In maart 2015 raakte de werknemer op zijn snorfiets betrokken bij een ongeval. Als de politie ter plaatse komt, blijkt dat de werknemer onder invloed was van alcohol. De politie vorderde daarom het rijbewijs van de man in. Op het moment dat de werkgever hier lucht van kreeg, werd de werknemer geschorst per 11 maart 2015. Deze schorsing werd ook schriftelijk aan hem medegedeeld. De werknemer kreeg van de werkgever de gelegenheid om zijn rijbewijs binnen 15 dagen terug te krijgen. Tot die tijd ontving de werknemer in ieder geval geen loon.

De werknemer maakte nog bezwaar tegen de schorsing, maar hieraan gaf de werkgever geen gehoor. De werkgever gaf aan dat getracht zal worden de arbeidsovereenkomst via de rechter te ontbinden als de werknemer het rijbewijs niet binnen 15 dagen na de schorsing weer terug had.

De zaak betreffende het rijbewijs komt voor de rechter en deze rechter oordeelde dat de werknemer gedurende acht maanden zijn rijbewijs moest inleveren, waarvan zes maanden voorwaardelijk zijn. Ook werd nog een proeftijd van drie jaar opgelegd. Feitelijk was de werknemer dus twee maanden zijn rijbewijs kwijt, tenzij hij opnieuw de fout in ging. Wanneer de man binnen drie jaar opnieuw de fout in zou gaan, moest hij namelijk voor zes maanden zijn rijbewijs inleveren.

De werkgever zette de eerder aangekondigde ontbindingsprocedure voort en wendde zich tot de kantonrechter om de arbeidsovereenkomst te laten ontbinden. Hij verzoekt de rechter om de arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen te ontbinden. In het geval dat de rechter zou menen dat er geen sprake is van gewichtige omstandigheden, diende de arbeidsovereenkomst volgens de werkgever op grond van gewijzigde omstandigheden alsnog ontbonden te worden. De werkgever stelde dat van gewichtige redenen wel sprake was, nu uit de arbeidsovereenkomst al was gebleken dat de werkgever streng zou optreden bij het overtreden van het bepaalde, zeker in het geval van alcoholgebruik. Bovendien was het zo dat de werknemer zijn functie als elektricien niet kon uitvoeren, nu het gebruik van de dienstauto daarvoor noodzakelijk was. De werkgever vond dat hij erop moest kunnen vertrouwen dat de werknemer zich zodanig zou gedragen dat hij zijn rijbewijs behield.

De rechter stelde vast dat de werknemer inderdaad niet in staat was zijn werkzaamheden uit te voeren zolang hem de rijbevoegdheid was ontzegd. Ook meende de rechter dat de werknemer een fout had gemaakt. Deze fout was hem aan te rekenen en had tot gevolg dat hij zijn verplichtingen uit hoofde van de arbeidsovereenkomst tijdelijk niet kon nakomen. Doordat de werknemer tijdelijk niet inzetbaar was, moest de werkgever zorgen voor vervangers, wat schade opleverde voor de werkgever. Ook gaf het volgens de werkgever een slecht signaal af aan andere medewerkers als de werkgever niet hard zou optreden tegen alcoholgebruik in het verkeer. Tevens meende de werkgever dat een vruchtbare samenwerking niet meer mogelijk was. De werknemer had namelijk gesteld dat dit de eerste keer was dat hij werd aangehouden voor rijden onder invloed, maar ter zitting bleek dat dit al eens eerder was gebeurd en dat de werknemer dus had gelogen. De werkgever zag hierdoor een voortzetting van de arbeidsovereenkomst niet meer zitten.

Volgens de rechter was het duidelijk dat de werkgever belang had bij het behoud van het rijbewijs. Het feit dat de werknemer zijn rijbewijs kwijtraakte had dan ook direct gevolgen voor de werkgever. Het is echter niet zo dat de gevolgen zodanig waren dat het een grondslag vormde voor ontslag. De fout werd immers gemaakt in de privésfeer en niet onder werktijd. Ook meende de rechter dat de werknemer door de invordering van het rijbewijs en het bijkomende strafblad al voldoende was gestraft. Ook had de medewerker gedurende de tijd dat hij de arbeid niet kon verrichten geen loon uitbetaald gekregen. De rechter was van mening dat dit voldoende straf was voor de medewerker, ook omdat de eerdere keer dat hij aangehouden was voor rijden onder invloed plaatsvond voordat hij werkzaam was bij dit bedrijf. De rechter zag geen aanleiding om over te gaan tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst.  

Met deze uitspraak geeft de rechter de medewerker een sterke laatste waarschuwing, maar ontbindt de arbeidsovereenkomst niet. De rechter stelt duidelijk dat de werknemer fouten heeft gemaakt, die leiden tot consequenties voor de werkgever. Deze consequenties zijn echter niet voldoende voor een ontbinding en al helemaal niet voor een ontslag op staande voet. Het inleveren van het rijbewijs heeft dus niet altijd het verlies van de baan tot gevolg, ook niet als het rijbewijs essentieel is voor de uitoefening van de functie. Het wordt echter anders als de het verlies van het rijbewijs in direct verband staat tot de werkzaamheden, bijvoorbeeld als de werknemer tijdens werktijd beschonken achter het stuur stapt. Dit verergert de omstandigheden aanzienlijk, waardoor een ontslag weer meer voor de hand ligt.

Zoals u ziet is de mogelijkheid tot ontslag sterk van de feiten en omstandigheden afhankelijk. Wilt u meer weten hierover van een advocaat arbeidsrecht in Tilburg?

Bron: Rechtbank Amsterdam 2 juni 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:3662.

Neem voor meer informatie contact op met: