Ontslagbrief opgesteld door werkgever, is dat een opzegging?

22 april 2015

De arbeidsovereenkomst kan eindigen door een schriftelijke of mondelinge opzegging vanuit de kant van de werknemer. Wanneer de werknemer zelf de overeenkomst beëindigd zijn de opzegverboden niet van toepassing, maar de werknemer behoort zich ook aan de opzegtermijn te houden.
In deze zaak wordt de arbeidsovereenkomst door de werknemer opgezegd middels een brief die was opgesteld door de werkgever. De werknemer betwiste dat hij de arbeidsovereenkomst zelf had opgezegd.

De werknemer werkte eerst van 1 januari tot 31 maart 2013 voor Samio Tax op grond van een proefplaatsing. Een proefplaatsing is een periode waarin de werknemer met behoud van zijn WW-uitkering, maar zonder ontvangst van loon, als proef kan gaan werken bij een nieuwe werkgever. Hij werkte bij Samio Tax als taxichauffeur. Het vervullen van deze functie beviel vanuit beide kanten goed, vandaar dat hij na het aflopen van de proefplaatsing een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kreeg. De werknemer ging nu werken als taxichauffeur in loondienst. Zijn arbeidsovereenkomst zou tot 30 september 2013 lopen.

De werkgever gaf aan een door de werknemer ondertekende ontslagbrief te hebben ontvangen, waarin hij mededeelde dat hij per 7 mei 2013 ontslag wilde nemen. De werkgever gaf aan dat hij de brief op verzoek van de werknemer had opgesteld, maar dat de werknemer de brief zelf ondertekend had. De werknemer gaf aan de arbeidsovereenkomst helemaal niet opgezegd te hebben en betwiste dat het zijn handtekening onder de brief was. Wel stond vast dat na 7 mei ook geen werkzaamheden meer verricht waren.

Er werden twee schriftdeskundigen ingeschakeld om de handtekening onder de ontslagbrief te controleren op echtheid. Ter controle gebruikten zij 15 handtekeningen waarvan vaststonden dat het originelen waren. De schriftdeskundigen kwamen tot de conclusie dat de ontslagbrief wel degelijk was ondertekend door de werknemer zelf. De opvatting dat de arbeidsovereenkomst door de werknemer zelf was opgezegd, werd versterkt door het feit dat de werknemer al voor de opzegging meerdere malen had aangeven dat hij een eigen taxibedrijf zou willen starten. Deze wens bleek uit het verslag van een functioneringsgesprek. Op het moment dat deze zaak bij het Hof in Amsterdam werd behandeld was hij reeds werkzaam in een taxibedrijf.

Voor de rechter was voldoende duidelijk dat de arbeidsovereenkomst wel degelijk door de werknemer was opgezegd. De feiten en omstandigheden toonden aan dat de werknemer de wil had gehad om zijn arbeidsovereenkomst te beëindigen. Doordat de handtekening aantoonbaar van de werknemer was, was nog duidelijker dat de werknemer zelf de overeenkomst beëindigd had.

Een opzegging van de arbeidsovereenkomst door de werknemer is dus zeker mogelijk. De werkgever moet echter wel voorzichtig omspringen met een opzegging door de werknemer. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat een werknemer het heeft gezegd na een verhitte discussie. Er is dan reden om te twijfelen aan de wil van de werknemer om de overeenkomst echt te beëindigen. Wanneer een werknemer zelf zijn arbeidsovereenkomst beëindigd is hij namelijk ‘verwijtbaar werkloos’, wat tot gevolg heeft dat de werknemer geen werkloosheidsuitkering zal krijgen. Een werkgever zal dus goed moeten nagaan of de werknemer daadwerkelijk de overeenkomst heeft willen beëindigen.

Meer weten hierover van een advocaat arbeidsrecht in Tilburg?

 

 

Bron: Gerechtshof Amsterdam 30 september 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:4037.

Neem voor meer informatie contact op met: