Verplichte deskundigenverklaring UWV: strijd met Europees recht?

24 juni 2014

Werkneemster woont in Duitsland, maar werkt als apothekersassistente in Nederland. Zij werkt op grond van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, waarop Nederlands recht van toepassing is verklaard. In juni 2011 heeft de werkneemster zich ziek gemeld, waardoor het verzuimprotocol (Richtlijnen in geval van ziekte) van haar werkgever van toepassing was.

 

De werkgever is in oktober 2011 met het betalen van loon gestopt, omdat de werkneemster zich niet wilde laten onderzoeken door een Nederlandse bedrijfsarts. Als reactie op het opschorten van het loon vroeg de werkneemster bij de rechter om het doorbetalen van het loon, inclusief verhoging omdat ze al zo lang op uitbetaling van haar loon wacht. De rechter heeft de werkneemster niet-ontvankelijk verklaard, wat betekent dat hij het geschil niet voor berechting vatbaar achtte. De rechter verklaarde haar niet-ontvankelijk, omdat zij geen verklaring van een Nederlandse bedrijfsarts overgelegd had, wat volgens de Nederlandse wet vereist is. Uit de Nederlandse wet volgt dat een vordering tot betaling van loon wordt afgewezen, als geen verklaring van een deskundige, die door het UWV benoemd wordt, wordt bijgevoegd. De werkneemster had wel verklaringen van Duitse artsen bijgevoegd, maar dit werd onvoldoende geacht.

 

Werkneemster ging bij het Hof van Den Bosch in hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter. Het Hof oordeelde dat op dit geschil het Europese recht over socialezekerheidsstelsels van toepassing was. Uit het Nederlandse recht volgde volgens het Hof dat voor de ontvankelijkheid van een loonvordering vereist was dat er een bewijs uit het land waar de werkneemster werkt kan worden overgelegd. Het Hof achtte dit in strijd met het toepasselijke Europese recht. Hieruit is namelijk gebleken dat de werknemer een deskundigenverklaring moet kunnen aanvragen in het land waar hij/zij woont, in plaats van het land waar hij/zij werkzaam is. Het doel van deze bepaling is het voorkomen van bewijsmoeilijkheden en daardoor het vergemakkelijken van vrij verkeer van werknemers, zo blijkt ook uit een uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (3 juni 1992, nr. C-45/90 (Paletta I)). Het Hof was het dus niet eens met de kantonrechter.

 

De werkgever heeft vervolgens aangevoerd dat de Duitse verklaringen die werkneemster heeft getoond, te weinig informatie bevatten. Het Hof heeft dit erkend, maar zag hierin geen reden om het Europese recht niet van toepassing te verklaren. Werkgever heeft vervolgens ook aangevoerd dat hij bevoegd was de uitbetaling van het loon op te schorten, omdat de werkneemster heel slecht bereikbaar was en contact nauwelijks mogelijk was. Werkgever heeft haar vervolgens meerdere malen voor de consequenties van het niet meewerken gewaarschuwd.

 

Het Hof was van mening dat de werkgever het loon heeft opgeschort omdat de werkneemster weigerde naar de bedrijfsarts in Nederland te gaan, en dit was volgens het Hof ongeoorloofd gezien het toepasselijke Europese recht. Het feit dat werkneemster zo slecht bereikbaar was, is onvoldoende om het loon op te schorten. Als werkgever moet je dus genoegen nemen met een verklaring van een arts uit het land waar de werknemer woont, dit kan af en toe voor lastige situaties zorgen.

 

Meer weten hierover van een advocaat arbeidsrecht in Tilburg?

 

 

Bron: Hof Den Bosch 18 februari 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:451, http://tinyurl.com/nz4kdoc

Neem voor meer informatie contact op met: